'Jan T'

Buenas noches amigos, het is weer is bloedheet in hier Calp, Jan mot zijn miqueltje met een rotgang opdrinke voor dat tie verdampt is. Zo warm is het! Jan had vandaag zijn pechdag weer es amigos!

 

Hallo amigos Jan keek ter ook effe gek van op hoor, die gaste hadde volges mijn veel van de Klu klux klan weg. Maar na effe an sommige mense die het wete kenne navraag te hebbe gedaan.Vertelde deze mense an Jan dat deze gewade al in de middeleeuwe door de processieganders gedrage werde. En dat in de late achttiende begin negentiende eeuw de Klan pas in deze gewade rond begonne te  lope.  

 

Der was van middag een procesie ter ere van de maagd maria an de gang. En de hele binne boulevard stong rije dik met de mense. Maar Jan mos wel naar de have om zijn dagelukse vissies te gaan bemachtige. Over de binne boulevard moch Jan van wege die processie niet met zijn goggum rije Dus doch Jan dan ga ik maar over de buite boulevard, maar daar mag je namelijk helemaal niet  met een motervoertuig rij,je. Maar Jan doch dat ken ik best wel probere amigos. De polisie is immes druk bezig met de binnehandel te contrelere. 

 

 

 

Dus is Jan met zijn goggum de steile ,Calle de colade’ af gezakt en zo de buiteboulevard op gereje. Der legge daar allemaal van die mooie glimmende tegels amigos. En dat ree lekker het motorretje van m,n goggum spinde as un zeidje. Jan gaf steeds wat meer gas bij en de goggum schoot voruit. Op een zeker moment kwam Jan bij de IJsalon van ‘Jefke de Smet’ die uit bellegie kompt. En Jan doch zo nog een paar boggies en Jan is an de have. Maar tot Jan,s grote schrik sprong in ene señor Afonso El Rey onze  ouwe polisie vent voor Jan zijn gogum. Jan schrok ze,n eige de kolere amigos, met zijn fluit in zijn vertrokke kop en opgeheve arm, sommeerde Alfonso Jan te stoppe. Jan drukte gelijk vol zijn rem in. Maarr dat bleek wel de koppeling te weze. Met een rotgang vloog Jan op de ouwe Alfonso af. Weer trapte Jan hard op de voetrem maar dat kreng gaf niet thuis. Verstijft en met uitpuilende oge stong Alfonso naar de hem snel naderende goggum te stare. Met alle macht op de rem trappend rukte Jan an ze,n stuur naar links toe. En vloog daarna recht op het terras van Jefke,s IJssalon af. Waar op de dames van het dorp, van een lekkere coup ijs of sorbet zatte te geniete.

Als een ren gillende kakelende kippe vloge de dames

naar alle kante voor mijn naderende goggum weg.Toen Jan tege de eerste tafel knalde, vloge de sorbets en  ijscoups over het terras in het rond. Señorita Rosa Maria Sarda die gek op Jefke,s sorbets is, zat met haar dochter an één van de tafeltjes. Waarop Jan met zijn goggum recht op an koerste, van een grote sorbet ‘ de zogenaamde ‘Torre  de Antwerp’ te geniete.

 

 

En toen Jan op ramkoers het tafeltje voor de twee señorita,s ramde, vloge de daarop staande ijscoups recht op de beide dames af. Waarna Jan nog effe met zijn goggum doorschietend, met een rot klap tege een paal van de zonnetent tot stilstand kwam. Toen Jan uit zijn zwaar beschadigde goggum was gekrope, en naar de ravage keek die hij had angericht. Keek tie recht in het verbouwereerde gezicht van Señorita Rosa Maria Sarda. Van haar zwarte hare en mooie gezicht drope grote flarde van Jefke,s ijs. Gelukkig was ter niemand gewond amigos op de goggum na dan. Later bleek dat de remkabel gebroken was, en ook dat de voorkant van Jan zijn mooie goggum, zwaar in de kreukels zat. Van die zeikvent van een señor Afonso El Rey kreeg Jan een bekeuring van 50 Euro, voor het over de boulevard reie gadsamme. Dat zel je lere Jan riep Alfonso die ouwe afgekeurde rot pelisie vent triomfantelijk naar Jan. Maar Alfonso ken wel voor een poosje zijn vissies vergete, die hij altijd van Jan krijg amigos. Na dat geintje is Jan maar naar de have gelope. Waar Jan de fiets van señor Tonio Perez leende, om de vissies die ik van schipper Cruz Tavis  van de Alena kreeg naar huis te kenne brenge.  Toen Jan thuis kwam kreeg tie van Ciquita zijn lieve vrouwtje de wind flink van vore. Of Jan gek geworre was vroeg ze, je broek en hemd zien der niet uit, van die vuile stinkende rot fiets schreeuwde ze tege Jan. En dat terwijl ze zelf jare lang in een viskraam op de mart vis heb staan verkope. Vrouwe amigos wat mot een man der nou mee, maar ja Jan zou der niet kenne misse hoor!  dat niet.

 

         'Senor Tonio Perez'

En om dat Jan van zijn vrouwtje niet meer op de fiets van señor Tonio Perez moch fietse. Is Jan maar lopend naar de El lobo toe gegaan. Want me goggum is naar de garage van señor  Conzalez Tapaz gebracht. Waar die un grondige maakbeurt krijgt. Toen Jan in de El lobo an kwam zat de ouwe Thereza Fareraz  an een tafeltje, met un miqueltje voor der. ‘Zo Thereza zee ik hoe gaat et met jou schoonheid? maar Jan liep gelijk door richting bar amigos. Om zo snel as het maar kon bij haar uit de buurt te komme, want dat mens zit altijd schete te late. En meuréé dat ze dan doet amigos, Jan gaat ter altijd zo wat van over zijn nek. ‘Ik ben verleje week effe naar dokter Lavinez geweest Jan, zee ze tege me. Want ik had al een tijd zo,n last van erruge gasvorming in me darreme. ‘Het is niet waar wat je daar zegt Thereza doch Jan, amigos.’! Dus ik zee tege de dokter, dat ik zo,n erruge gasvorming in me darreme had ‘Maar dat et me eigeluk niet zo stoorde, ging Thereza verder met der verhaal. Want me winde benne altijd stil, en ze ruike ook niet. Want terwijl ik daar bij hem zat had ik er al weer verschillende gelaten Jan. En u  heb er ook niks van gemorke, dokter zee ik tege hem. De dokter zee dan ook, ‘Ik begrijp het Thereza ,’ en hij schreef een recept  voor een medicijn voor.   ‘En kom dan de volgende week na dat je die medicijnen geslikt heb, nog maar eens terug Thereza, zee die.’ Dus vanmorrege was ik weer bij hem jan ,en ik zee tege hem ik weet niet wat u me gegeve heb  dokter, maar me,n winde benne nog steeds geluidloos, maar ze stinke nou wel heel errug smerig, verschrikkelijk gewoon weg! En wat denk je dat tie zee Jan? ‘Goed zo Thereza nou je neusholtes weer ope benne, zulle we eens kijke, wat we an je gehoor kenne doen,’ Dus mot ik over drie weke naar dokter Cordez de oorarts. ‘Ja, ja amigos die Thereza toch, maar de wind waait niet altijd uit de goeie hoek.

Zee Mekleburg un ouwe bark kapitein altijd  tege Jan as we weer es in de wind lagge te bokse.      Jan     T